
|
Maandag 7 maart
Als je ooit naar de Cote d'Azur gaat, mijd dan Cannes. Het is net een combinatie van de PC Hooftstraat, de
Kalverstraat en de boulevard in Scheveningen op een zomerse zaterdagmiddag. Het is er op een zonnige zondagmiddag in maart
al zo akelig druk, dat we van het eerste tot en met het laatste pand stapvoets over de weg langs het strand rijden. Hoewel,
rijden, we staan langer stil dan dat we rijden. Hoewel, strand, het is een akelig dun strookje zand tussen de zee en de weg
waarop je overdwars moet liggen om niet met je handdoekje in het water te liggen.
Maar voordat we die stad bereiken, rijden we eerst nog het laatste deel van de Corniche de l'Esterel, ook wel de
Corniche d'Or oftewel de Gouden Kustweg genoemd. Er loopt ook een spoorrails langs; een ritje met de trein is ongetwijfeld
ook de moeite waard. Het stuk ongerepte natuur is spectaculair mooi, maar dat is maar iets meer dan de helft van de 32 km
tussen Saint Raphaël en Mandelieu - La Napoule, een voorstad van Cannes. Maar ook de bebouwing is de moeite waard. Neem nou deze villa
op de rand van hoge, rode rotsen die uit zee oprijzen, met een minituintje, maar natuurlijk wel met zwembad.
In Mandelieu - La Napoule is het volop zomer bij de jachthaven, een fraai kasteel en op de stranden. Het is ruim 20 graden,
zondagmiddag, voorjaarsvakantie en erg druk. We besluiten een parkeerplaats te zoeken en de benen en poten weer even te
strekken, maar zijn een kwartier aan het rondrijden voordat we een vrij plekje vinden pal voor een bushalte, op gele
niet-parkerenstrepen. Nou ja, als er bij terugkeer onverhoopt een bon achter de ruitenwissers zit, gooien we die gewoon
weg. Mon nom est lièvre, mijn naam is haas. Pas de problème.
Het mooist van deze plaats is het Chateau de la Napoule, waarvan de geschiedenis 2000 jaar terug gaat. Het is in 1918
gekocht door het echtpaar Henry en Marie Clews, dat er een kunst(enaars)kasteel van maakte. Wereldberoemde kunstenaars
exposeerden, musiceerden en creëerden er. Het kasteel, dat nu wordt beheerd door een foundation die door Marie Clews is
opgericht, heeft maar één nadeel: verboden voor honden. Geeft niks, de buitenkant is ook mooi en binnen is het knap druk.
Enkele vertrekken van het kasteel dienen als atelier. In één er van is een oude man bezig oude banden een nieuw leven
te geven. Dit is een van zijn creaties, die bij de entree van het kasteel staat. Het beeld is van massief bandenrubber.
Een sfeervol, typisch Frans pleintje.
Na een uur wandelen gaan we verder. Bij de rand van Cannes loopt het verkeer vast op de weg langs het strand. Links
staan torenhoge, lelijke flats vol appartementen, rechts is een dun strookje strand. Naarmate we dichter bij het centrum
komen, wordt het nòg drukker op de trottoirs. Cannes is een stad voor de kouwe kak, van zien en gezien worden, van vrouwen
in mini-rok met een bontjas, van gladjanussen in cabriolets, waar driekwart van de mensen loopt te telefoneren, waar de
mensen niet wandelen, maar flaneren, waar veel te veel auto's en mensen zijn. 's Zomers moet het hier een hel zijn. Het
enige dat we wel kunnen waarderen aan deze kermis, is een aantal mooie grote gebouwen, in vrijwel alle gevallen dure
hotels.
Na ruim een uur hebben we een kilometer of 6 afgelegd. We hebben de buik er van vol, zoeken zo snel mogelijk de
snelweg op. Terug naar de rust van Lorgues.
De komende week rijden we het laatste stuk van de kustweg langs Nice tot en met Monaco wel. Dan hebben we het hele stuk
tussen Saint Tropez en Monaco gehad.
Dinsdag 8 maart
Nog op de kop af 35 dagen, dan nemen Harry en Ada hier hun intrek. Ze zijn in het voorjaar en het grootste
deel van de zomer degenen die het vakantiedomein van Ed en Marianne van Wolde beheren. Ze hebben er vreselijk veel zin in,
kunnen haast niet wachten. Wij gaan ze straks op de voet volgen. Want ook zij gaan hun belevenissen, indrukken en foto's
op internet zetten. Ze hebben al een voorzichtig begin gemaakt. Kijk maar eens op
La vie est belle!.
Maar helaas voor hen zitten wij hier nog even. En we nemen het er weer goed van vandaag. Er staat weliswaar een harde.
koude wind, waardoor het in de schaduw fris is, maar in de zon is het heerlijk. We gaan weer een dag naar zee, wandelen in de
omgeving van Saint Tropez. We rijden er in een heel rustig tempo heen, want afgelopen weken waren er vrijwel dagelijks
dodelijke ongelukken in een straal van 15 km rond Lorgues en de politie heeft daar op gereageerd door veel extra controles
aan te kondigen. We komen inderdaad wat controles tegen.
Toch krijgen we op de terugweg te maken met een potentiële
moordenaar. We rijden op een zeer bochtige, vrij smalle, drukke weg achter twee auto's en een schoolbus, die regelmatig stil
moet staan om tegenliggers voorbij te laten komen. Achter ons zit na verloop van tijd een flink aantal auto's. Inhalen is
onmogelijk. Althans, dat denken we. De chauffeur van een busje bewijst dat het wel kan. In een flauwe bocht naar rechts
zie ik hem in mijn spiegel met een noodgang een aantal auto's inhalen. Hij kan absoluut niet zien of er tegenliggers aan
komen. Als er wel een aan komt, kan hij nog net een auto achter ons afsnijden en zich weer in de rij voegen. Zodra de
tegenligger voorbij is, knalt hij in een volgende onoverzichtelijke bocht naar rechts vol gas weer naar de linker baan. Het
gaat weer maar net goed als een tegenligger nadert. De chauffeur is kennelijk zelf ook geschrokken, want hij blijft zowaar een
kilometer achter de bus rijden. Maar op een kort recht stukje is hij het zat en schiet hij weer naar links. Als we
vijf kilometer verder zijn en Lorgues binnen rijden, stopt de schoolbus bij een halte en zitten we 50 meter en één auto
achter de snelheidsduivel.
Maar goed, dat is op de terugweg. Voordat het zo ver is, rijden we eerst naar l'Escalet, waar we ook op
donderdag 13 januari zijn geweest en waarvan je
hier een fotoserie kunt bekijken. Maar dit keer ziet die wereld
er heel anders uit dankzij de harde oosten wind. Een blauwe lucht met daaronder een azuurblauwe zee met witte schuimkoppen.
Schitterend. We lopen een eind het schiereiland Cap Taillat op en gaan daar eerst op en in de wind zitten en zoeken later
een beschutte plek op. De golven slaan stuk op de rotsen en dat zorgt voor een schitterend schouwspel waar we niet gauw
genoeg van krijgen. We kunnen wel merken dat het vakantie is, want hier en daar zitten gezinnen op het strand en een
groepje van zo'n vijftien kinderen met rugzakjes is onder begeleiding van drie volwassenen kennelijk op excursie.
Het strand is 's zomers overigens een naaktstrand (zwembroek wel toegestaan) en het schiereiland is een natuurgebied waar
onder meer schildpadden zitten, maar wij zien vandaag geen van beide. We zien ook geen smokkelaars op het 'strand van de
douaniers'; kort na ons eerste bezoek aan dit strand heeft de politie daar smokkelaars op een boot opgepakt die ruim vier
kilogram cocaine aan land wilden brengen. We zien wel een flinke zeeaal, althans, wat daar van over is. De achterkant is
weggevreten. Ik probeer hem met behulp van een stok mooi neer te leggen om er een foto van te maken en dat trekt de aandacht
van een oudere Fransman, die nieuwshierig komt kijken. ,,Wat is dat voor vis?'', vraagt hij. Ik weet niet zo gauw wat
'zeeaal' in het Frans is, dus zeg maar dat ik het niet goed weet. Hij doet dan zelf wel een suggestie. ,,Anaconda?'', vraagt
hij. ,,Nee, dat is het zeker niet.'' ,,Aah. un anguille de mer?'' ,,Ja, natuurlijk, een anguille de mer. Een hele grote.
Een halve hele grote.''
Aan het eind van de middag rijden we door een haag van bloeiende mimosa weer noordwaarts. Het eind van de bloeipoeriode
is wel in zicht. Sommige bomen zijn al over het hoogtepunt heen. Onder meer de prunus, forsythia, krent, meidoorn en azalea
bloeien hier ook al volop. In één tuin zien we ze bijna allemaal in bloei staan. Wat een feest.
Even voorbij Saint Tropez komen we in een vijf kilometer lange file terecht. We kunnen goed merken dat het nog steeds
vakantie is. Sinds begin februari is het elke week iets drukker geworden. We zien zowaar ook wat Nederlanders die hier op
vakantie zijn, zelfs een met een joekel van een caravan. Het zal lastig zijn een plekje te vinden, want voor zo ver wij weten
beginnen de campings hier pas op 1 april met het nieuwe seizoen. Maar goed, wat een bofkonten zijn die Nederlanders hè.
Even één of twee weekjes vakantie vieren aan de Cote d'Azur. Zouden ze zich wel realiseren hoe bevoorrecht ze zijn?
Woensdag 9 maart
Alfred Hitchcock's Birds bij La Grande Forêt! Een ongelooflijk spectaculaire, historische
gebeurtenis, die zó in de regionale media kan: Kanjer is vanmiddag aangevallen door twee roofvogels. In de tuin van dit
vakantiedomein in Lorgues. Eén van de slogan's van La Grande Forêt is dat je je hier geen moment hoeft te vervelen, maar dit
ging wel heel ver.
 Een vriend van ons die roofvogels houdt, stuurde eens een walgelijk Youtube-filmpje van twee Mongolen die met roofvogels
op vossen jaagden. De vogels bleken de vos de baas. Ik heb onze bevriende roofvogelhouder wel eens uitgedaagd: een van jouw
roofvogels tegen mijn Kanjer. Ik denk dat onze teddybeer hem binnen twee minuten op heeft en er dan alleen nog een bosje veren
resteert.
We moesten er meteen aan denken toen iets dergelijks vanmiddag bijna werkelijkheid werd. Misschien een beetje gechargeerd,
maar dat doet De Telegraaf ook en dat is de best verkochte krant van Nederland.
We blijven vandaag thuis, beetje klussen, ook nog even in de zon luieren. Op een gegeven moment ligt Kanjer languit
op zijn zij in het gras vóór de villa te zonnen, ligt Bikkel een eindje verder in de schaduw van een boom om zich heen te
kijken en te luisteren naar geluiden die wij niet horen, is Trudy bij de entree aan het verven en zit ik op het terras met
een papieren krant even bij te komen van pittige fysieke inspanningen. Uit mijn ooghoek zie ik ineens iets groots schuin naar
beneden vallen. In een flits zie ik twee grote bruine vogels die naar het grasveld duiken, naar de plek waar Kanjer ligt te
zonnen. Op vrijwel hetzelfde moment hoort zowel Trudy als ik enorm gefladder, van vleugels die tegen elkaar slaan. Bikkel
reageert daar op door als door een adder gebeten in de benen te springen. Een fractie van een seconde later zie ik de twee
vogels zij aan zij met hun vleugels slaan en omhoog fladderen. Ze vliegen maar een meter of twee boven Bikkel, die zich geen
moment bedenkt, zich omdraait en boven zich kijkend meerent. De vogels bereiken net op tijd hoogte om aan de kaken van
Bikkel te ontsnappen en iets verder over de nok van het huis te kunnen vliegen.
Kanjer komt een beetje versuft naar me toe lopen, kijkt nog eens omhoog, kijkt mij vragend aan en gaat dan achter me
liggen. Hij werd ruw uit zijn slaap gewekt door vogels die ineens akelig snel op hem af kwamen en schrok zich kennelijk te
pletter.
Vermoedelijk hebben de lafaards een dier in het gras zien liggen waarvan ze dachten dat het dood was. Op het moment dat
ze vlak bij hem waren, moet hij ze gehoord hebben en zijn kop omhoog getild hebben. Daar zijn ze waarschijnlijk zo van
geschrokken, dat ze eieren voor hun geld kozen. En Bikkel hebben ze vermoedelijk helemaal niet gezien.
Wat later vragen we ons af wat er gebeurd zou zijn als Kanjer niet op tijd wakker zou zijn geworden. Of als die beesten
pal naast hem geland zouden zijn. Of als Bikkel iets dichterbij zou hebben gelegen. Dan zouden we vanavond misschien wel
gebraden valk of buizerd gegeten hebben.
Even iets heel anders. Weet je wat ik ook zo mooi vind in Frankrijk? Dat elk gehucht, ook al bestaat het uit maar drie
huizen, een monument heeft voor de slachtoffers van de Eerste en Tweede Wereldoorlog. Daar staan de namen op van alle
dorpsgenoten die zijn gesneuveld in de strijd voor vrijheid. Een paar keer per jaar wordt daar een ceremonie gehouden met
niet alleen de notabelen van het dorp, maar ook enkele hoge omes uit het leger.
Mooie kop in de krant van de VAR van vandaag: Allergies: alerte au pollen dans le Var
En gisteren in de krant van de Cote d'Azur: Alerte au pollen sur la Côte
Beide kranten voegen er aan toe dat de cipresse de dader is: 'Le coupable, c’est donc le cyprès.' Die geeft nu de
maximale hoeveelheid stuifmeel af, mede dankzij de stevige wind van de afgelopen dagen
Nog een opmerkelijk bericht. Bij ons thuis op de Veluwe klagen ze over wilde varkens die in de bebouwde kom grazen.
Stelletje zeikerds. In een voorstadje van Nancy is gisteren een wild varken een winkelcentrum in gewandeld. Daar zocht hij
een supermarkt uit. Na daar wat rondgestruind te hebben, vertrok hij weer, om vlakbij een kapsalon te bezoeken. Het
personeel koos meteen het hazenpad en sloot de deur achter zich. Dat bood een dierenarts de gelegenheid het beest te
verdoven.
Nog niet bekend is of het dier weer losgelaten wordt zodat jagers het kunnen afschieten, of dat het meteen gedood, gevild en
gegeten wordt.
Donderdag 10 maart
Toen mijn pubertijd nog moest beginnen, dacht ik wel eens dat ik later wel een relatie zou willen hebben
met Caroline van Monaco, die bijna even oud was als ik. Mooie meid, goede komaf, mooie moeder, mooi onderkomen. Ach, je
moet wat te dromen hebben. Vandaag komt niettemin één procent van die dromen uit: we gaan naar Monaco, onder meer dat pandje
bekijken waar ik me vroeger op latere leeftijd wel zag wonen. Een van onze laatste dagtrips hier.
Een eindje buiten Lorgues verbazen we ons over een fenomeen dat we al eens eerder in Frankrijk hebben gezien. Ze zijn al
een paar dagen bezig met werkzaamheden in de berm van een doorgaande weg en daar zetten ze een klein stukje van één rijbaan
voor af. Niet met verkeerslichten, maar met twee mannen die allebei een stok hebben met een pannenkoek met een rode en een
groene kant. En ze hebben een 'talkie walkie', zoals ze een walkie talkie hier noemen, waarmee ze doorgeven wie aan de beurt
is om verkeer tegen te houden. Verder doen ze de hele dag niets anders.
Monaco blijkt nog een knap eindje rijden en we passeren heel wat tolpoortjes, waaronder een aantal met plastic manden
waarin je van afstand je munten kunt mikken. Uiteindelijk zijn we ruim 12 euro armer, 120 km en een uur en drie kwartier verder
voordat we in hartje Monaco zijn. Het is voor het grootste deel een stad van niks: allemaal torenhoge flats en drukke straten.
Wel wordt binnen een paar honderd meter binnen de bebouwde kom een stevig vooroordeel beantwoord; we komen achtereenvolgens
een Ferrari 458 Italia, een Rolls Royce Ghost en een Lamborghini Aventador tegen. We zitten al gauw op het parcours van de
Grand Prix voor Formule 1 en vinden uiteindelijk een plek in een parkeergarage waarvan de ingang zit in de tunnel die
bekend is van de GP F1, vlakbij de haven onder Monaco Ville, het oudste deel van de stad waar ook het paleis staat.
De haven ligt tjokvol superjachten. Opmerkelijk is dat op al die kolossen personeel aan het werk is. Stofzuigen,
bezemen, tuinsets klaarzetten, poetsen en boenen, verven enzovoorts.
Na een kwartiertje lopen trekken we al de conclusie dat we op een paar vierkante kilometer nog nooit zo veel mensen
hebben gezien die zich bezighouden met het schoonhouden van de stad. We komen talrijke mensen tegen die aan het bezemen
of schoonspuiten zijn, die met stoffer en blik en prikkers troep opruimen. De straten zijn dan ook Zwitsers schoon.
Om het oude stadsdeel te bereiken, moet je even flink klimmen. Naarmate we dichter bij dat stukje stad komen, komen we
meer waarschuwingborden voor toeristen tegen. Je mag alleen geheel gekleed dit stadsdeel in. De koninklijke familie wenst
kennelijk niet geconfronteerd te worden met schaars geklede vakantiegangers.
Het paleis staat in de steigers, maar is niet echt een pand waar je aan denkt als je aan een paleis denkt.
Indrukwekkender nog zijn de vele decoraties die de bewakers hebben.
Het mooist is het uitzicht in zowel westelijke als oostelijke richting. In het westen kijk je mooi op het Stade Louis II,
het voetbalstadion van AS Monaco waar elk jaar de finale om de Supercup wordt gespeeld en waarin 18.500 toeschouwers
kunnen zitten.
Het stadsdeel staat boordevol schitterende panden. Aan de zuidkant ligt een prachtige exotische tuin met planten uit
alle delen van de wereld. Nederland is ook vertegenwoordigd, met een onopvallende acacia. Een internationaal gezelschap
geniet er van, maar Italiaans is de meest gehoorde taal. Er lopen ook Nederlanders. ,,Oh, wat een honden zeg, je zult
maar zo'n groot beest in huis hebben.'' En twee oudere vrouwen bij een beeld van Prins Albert I als stuurman op een
zeilschip; ,,Zullen we hier even op een bankje in de zon gaan zitten? Bij dat beeld? Wie is dat trouwens? Ik denk
admiraal De Ruyter, denk je niet?''
Extra attractie voor dergelijke mensen is een wandeling in de voetsporen van prinses Grace Kelly (niet te verwarren met
Kelly Monaco)
langs allerlei plekken die aan haar leven herinneren, variërend van de kathedraal waar ze getrouwd is met prins Reinier II
tot de school waar ze haar kinderen dagelijks afleverde. Er moet net een jochie naar binnen als wij er toevallig langs lopen;
hij moet aanbellen om binnengelaten te worden. In de eetzaal zitten allerlei leerlingen decadent te lunchen.
Na een paar uurtjes wandelen hebben we het wel gezien. De rest van de stad laten we links liggen. In de haven
fotograferen we nog wat superjachten. Ik vind het wel leuk eens op internet te zoeken of ik er wat met een aantal
bijzonderheden kan vinden. Het resultaat laat ik de komende dagen wel zien. De schade in de parkeergarage Louis II
valt mee: ruim 8 euro.
Morgen een fotoserie van dit uitstapje.
Vrijdag 11 maart
Bij Château la Martinette, waar we elke morgen de jongens uitlaten, hebben ze vandaag vermoedelijk een
paar flessen wijn extra opengetrokken. Een paar maanden lang zijn ze met twee, drie man bezig geweest de vele tienduizenden
druivenplanten op de 35 hectare wijngaarden handmatig te knippen. Vanmorgen hebben twee knippers de laatste rijtjes onder
handen genomen. De klus is geklaard.
Vanmiddag hebben ze er een schaapskudde laten grazen om het onkruid weg te laten vreten. Misschien hier en daar nog
een beetje mest uitstrooien - er staan nog zakken klaar - en het groeiseizoen kan beginnen. Ze telen er negen druivenrassen,
waaronder Merlot, Cabernet Sauvignon en Syrah.
Wist je trouwens dat ze door al die nieuwe wijnproducerende landen buiten Europa in Frankrijk en andere Europese landen
veel te veel wijngaarden hebben? Wijnboeren die wijngaarden rooien en er iets anders gaan telen of er bijvoorbeeld bosgrond
van maken, krijgen daar subsidie voor. De EU heeft daar dit jaar 76 miljoen euro voor beschikbaar. De organisatie die in
Frankrijk dit proces begeleidt, heeft bijna 2700 aanvragen gekregen voor in totaal bijna 11.000 hectare. Driekwart daarvan
ligt in de Languedoc-Rousillon. Een groot deel van de aanvragen heeft betrekking op wijnboeren die geen opvolger hebben.
Over wijn gesproken: un jour sans vin est comme un jour sans soleil, zeggen ze hier. Oftewel: een dag zonder wijn is
als een dag zonder zon. Nou, zo verfranst zijn we hier niet.
Nog even over Monaco, waar we gisteren zijn geweest. Dat Monaco Ville is heel mooi, maar ook supertoeristisch. Negen van
de tien winkeltjes zijn souvenirwinkels waar ze allemaal dezelfde dingen verkopen: voornamelijk T-shirts, petten en tassen.
Wat me daarbij opviel, is dat veel van die toko's op hun gevel hebben staan welke talen ze spreken. Nederlands staat er niet
bij. Dat is nog tot daar aan toe. De officiële site van Monaco
is in acht talen te lezen: Frans, Italiaans, Spaans, Chinees, Japans, Engels ('UK en USA'), Duits en Russisch. Inderdaad,
wij worden weer gediscrimineerd, wij staan er niet bij. Zou dat komen doordat wij in Europa de naam hebben dat we allemaal
moeiteloos vloeiend vier talen spreken? En zouden we het ontbreken van Nederlands dan juist als compliment moeten beschouwen?
Meer van Monaco zien? Hier staan nog meer eigen foto's,
hier staat een panoramafoto van het havengebied en
hier kijkt de koninklijke familie vanuit haar
paleis op uit.
Al een paar dagen staan hekken aan het eind van onze weg naar het dorp en op andere plekken langs de doorgaande weg.
Het zijn van die hekken waarmee ze wegen kunnen afzetten. Ja hoor, het is weer mis, er komen wéér professionele
dopingzondaars wielrenners langs. Voor de etappewedstrijd Parijs-Nice dit keer. Morgen is het zo ver.
Stelletje lastpakken. We willen nog even naar Draguignan, dus moeten vroeg uit de veren.
We zijn rond het huis aan het klussen en de jongens vermaken zich uitstekend.
Zaterdag 12 maart
Het wordt tijd om weer eens naar huis te gaan. Het is vandaag voor het eerst sinds we hier zijn, warmer
in Nederland dan hier in het zuiden van Frankrijk. Het waait zo hard, dat het bij vlagen stormt, de thermometer komt maar
net boven de 10 graden en vanavond regent het ook nog. Maart roert z'n staart in de Provence/Cote d'Azur. Nou ja, niet
zeuren, wees blij dat je niet in Japan zit.
Dat is hier natuurlijk net zo groot nieuws als in Nederland. Vanmorgen meldde de regionale krant al dat een tsunami
aan de Cote d'Azur theoretisch-wetenschappelijk onmogelijk is, onder meer door de structuur van bodem van de Middellandse
Zee. In 1887 vielen hier door een aardbeving weliswaar 600 slachtoffers, maar hoger dan twee meter werden de golven niet. Veel
hoger kunnen ze ook niet worden. Dus, zo stelt de krant vast, de hoogste golven kunnen hier hooguit de boulevards schoon
spoelen en dodelijke slachtoffers voor echte problemen zorgen de golven alleen als op dat moment een carnavalsoptocht
over de boulevard trekt.
Frankrijk is wel het Europese land met de meeste kerncentrales. Er zijn er bijna zestig.
Hier kun je zien waar ze staan.
Handig voor als je een vakantie in Frankrijk boekt en niet dicht bij een kernreactor wilt zitten. Frankrijk heeft
dankzij die kerncentrales overigens wel de goedkoopste elektriciteit van Europa, ook al wordt de prijs de komende jaren fiks
verhoogd.
Enfin, we gaan nog één keer terug naar Monaco. Jachten bekijken. En vooral: opmerkelijke bijzonderheden ervan bekijken.
Cliquez ici!.
Zondag 13 maart
Weer een regenachtige dag. Geen hoosbuien, maar miezer en nog steeds veel wind. Wat dat betreft kan het
hier in de wintermaanden kennelijk ook geen twee weken achtereen mooi weer blijven. Na een dag of tien (lekker warme) zon
kun je de paraplu's vast tevoorschijn halen. Daar kun je de klok op gelijkzetten, zo is onze ervaring na ruim vier maanden
overwinteren in de VAR. Hierna nog één of twee dagen regen, daarna wordt het weer anderhalve week tot twee weken droog
en zonnig.
Met die regen hebben we wel een goed excuus om naar het WK schaatsen te kijken. Bovendien was de natuur er weer aan toe.
Alleen voor Kanjer en Bikkel is het slechte weer erg vervelend. Ze liggen gewoon te wachten tot we iets gaan ondernemen, maar
afgezien van twee wandelingen, doen we dat niet.
Niettemin maakt Kanjer vandaag weer de blits. We proberen elke vakantie een souvenir mee te nemen voor het paviljoen in
onze tuin, dat vol hangt met leuke herinneringen waarbij we lekker kunnen dagdromen. Uit deze streek hangt er al een flinke
lap schors van een palmboom van het strand tussen Fréjus en Saint Aygulf, van onze vakantie in november/december 2009 in
Saint Aygulf. We gaven onze ogen al een tijd goed de kost om ons paviljoen te verrijken met een tastbare herinnering aan deze
periode, maar hadden nog niet iets bijzonders gevonden. Ik had er wel eens aan gedacht om mooie oude stronk uit een wijngaard
te roppen, maar had daar nog niet toe besloten. 't Zou weliswaar maar één van vele tienduizenden planten zijn, maar als
iedereen er een meeneemt....
Nou, Kanjer heeft al wel een beslissing genomen. Zoals wel vaker heeft hij maling aan eventuele ethische bezwaren.
Alsof hij gedachten kan lezen. Vanmorgen lopen we in het domein van Château la Martinette en komt hij de wijngaard uit
zetten met een prachtige oude stronk. Op weg naar de auto legt hij hem regelmatig even neer om de zijtakjes eraf te halen.
Dat doet hij altijd als hij een flinke stok te pakken heeft, dan moeten die voor hem irritante twijgjes er af voordat hij
hem lekker kan vasthouden en er een mooi speelgoedje aan heeft.
Hij sjouwt hem keurig netjes mee naar de auto en legt hem er nog zelf in ook.
Omdat ik geen camera bij me heb, poseert hij er thuis nog eens trots mee.
We zullen de stronk een mooi plekje in ons paviljoen geven.
| |