Maandag 28 februari

We hebben een leuke en een vreselijke k....klus op het programma staan. De stapel snoeiafval van onder meer de olijfbomen moet verbrand worden en de enorme bos scheermesjes pampasgras moet een flink kopje kleiner gemaakt worden. Dat gras staat er met enkele tientallen pluimen nog prachtig bij, maar volgens kenners moet het in Nederland net na de winter, in maart/april, gesnoeid worden. Hier is nauwelijks sprake van winter, maar aangezien allerlei planten en struiken in de tuin al weer zijn uitgelopen en in bloei staan en de natuur hier een paar maanden verder is, is het de hoogste tijd.

Trudy heeft er gisteren al een voorschotje op genomen en daar dezelfde ervaringen mee opgedaan als heel veel mensen die er iets over hebben geschreven op internet. Het was één groot bloedbad, met talrijke sneeën van het vlijmscherpe gras. Gelukkig levert een kleine speurtocht vanmorgen een paar tuinhandschoenen op. De hele bups moet tot ongeveer dertig centimeter teruggesnoeid worden en dat is extra lastig doordat afgelopen jaren kennelijk een andere hoogte is aangehouden. Er is bijna geen doorkomen aan. Misschien is een kettingzaag wel het meest effectieve gereedschap, maar dit bos wordt met een ouderwetse hand-heggenschaar en een takkentang een stuk korter gemaakt.



Inmiddels dicht ik de blauwe plekken die tussen de wolken zitten met enorme rookwolken.

Zoekplaatje: zoek de brandstichter


Halverwege de middag heeft dat resultaat. De metereologen maken dan een vreugdedansje. Er valt wat vocht uit de lucht. Zo spaarzaam, dat je tussen de druppels door kunt lopen zonder nat te worden, maar toch, de weerkundigen hebben vandaag gelijk: het regent, zoals zij hadden voorspeld. We werken in eerste instantie gewoon door, net als mensen in tuinen elders in de wijk, maar na een klein half uurtje gaat het eerst miezeren en daarna licht regenen. Tijd om naar binnen te gaan. Het snoeiafval is net op tijd verbrand en morgen gaan we wel verder met het pampasgras.



Aan het eind van de middag is het weer droog, breekt de zon weer door en kunnen we nog even lekker met de jongens wandelen.



Gistermiddag hebben we een voor ons heel nieuw stukje van Lorgues en omgeving ontdekt, waar talrijke kleine chateaus met dito wijngaarden liggen, maar ook Chateau Les Crostes , dat je met 53 hectare wijngaarden niet echt een kleintje kunt noemen. Vooral de binnenplaats vinden we een juweeltje dat het waard is om op een groot formaat foto te tonen.

We wandelden onder meer langs de door de wijde regio kronkelende L'Argens, die bij Fréjus in zee loopt. Niet van buitengewone schoonheid, maar dat geldt wel voor door klimop innig omarmde bomen en een mooie, dikke boom waar Kanjer desgevraagd en tot stomme verbazing van Bikkel wel even in wilde klimmen.





Als we Lorgues binnen rijden, verlicht de ondergaande zon de plaats prachtig.





Dinsdag 1 maart

Het is vandaag en de komende dagen de omgekeerde wereld in deze hoek van Frankrijk. Normaal is dat als het in grote delen van Frankrijk regent, er een dun strookje wolkenloze lucht boven de kust zit. Maar nu en als je de weerkundigen moet geloven ook de komende dagen, zit er een heel dun strookje bewolking met neerslag over de kuststrook. We zien dat vandaag op de Dag van de Zelfbeheersing ook met eigen ogen. We lopen zelf in de zon en hoewel het maar 7 graden is, is een overhemdje voldoende en zien we het in het zuiden regenen.

Tussen de middag schuift de bewolking op, tot boven Lorgues en voelt het meteen een stuk frisser aan. Aan het eind van de middag begint het heel licht te miezeren. We lopen in een olijfboomgaard op een heuvel en zien het in het zuiden enorm hozen. Maar die regen bereikt ons niet, het blijft bij honderd druppels in een half uurtje

Vanmorgen vermaken we ons met boodschappen doen en een gezellig telefoontje met een vriendin. Als we de telefoon neerleggen en buiten willen eten, is de zon van het ene op het andere moment weg.

Maar vandaag staat vooral in het teken van Zelfbeheersing. Want we kopen op de markt een gegrillde Poulet Fermier Label Rouge. Het is de op één na beste en lekkerste Kip ter wereld. In het Nederlands zouden we zo'n van z'n vleugels en kop ontdane lekkernij een boerenscharrelkip noemen. Ze heeft in een lichte stal van maximaal 400 vierkante meter zonder kunstlicht geleefd en mocht met maximaal tien soortgenoten op een vierkante meter wonen. De boerenbedrijven die dergelijke kippen fokken, mogen niet meer dan vier stallen hebben. De kippen beschikken verder over een uitloopruimte met gras en/of schaduw van minimaal twee vierkante meter per Kip en hebben tenminste 75 procent granen en graanproducten tijdens hun mestperiode gegeten. Ze worden minimaal 81 en maximaal 110 dagen oud, dus ongeveer twee keer zo oud als een gewone Nederlandse slachtkip. Die van ons weegt dan ook bijna anderhalve kilogram. Er zit nog geen half grammetje vet aan.
Het Label Rouge is een keurmerk; als je een Kip zo'n kwalificatie geeft terwijl hij niet als een boerenscharrelkip heeft geleefd, bega je een economisch delict. Erger nog: je bent debet aan een doodzonde.

En toch zijn er nòg lekkerder kippen. Die worden gefokt in de streek rond Bresse: de Poulet de Bresse. Die kippen met spierwitte veren leven als god in Frankrijk. De verwende beesten dineren uitsluitend wormen, weekdiertjes en granen, vooral maïs en mogen vier maanden in leven blijven alvorens hun kop eraf gaat. De (gecastreerde) hanen mogen zelfs nog twee maanden langer leven. De fokkers zien zo'n beest niet als Kip of een lekker stuk vlees, maar als een persoonlijkheid die in de watten gelegd moet worden.

Maar Bresse-kippen zijn minstens zo duur als haasbiefstuk en wij hebben ze hier op de markt nog niet gezien. De Poulet Fermier Label Rouge is ook vele malen lekkerder dan de scharrelkippen die in Nederland gefokt worden, zeggen ook de Nederlandse top-chefkoks, betaalbaarder en makkelijk te krijgen.

Als Nederlander hunker je er natuurlijk naar de prijs te weten: 11,50 euro per kilogram. En ze is haar geld dubbel en dwars waard.

De Poulet Fermier Label Rouge heeft maar één probleem. Als je hem 's morgens koopt en hem 's avonds wilt eten, moet je de hele dag wachten. Vorige week, toen we familie op bezoek hadden, hebben we er twee gehaald en konden we niet wachten. We hebben toen baguette met Poulet Fermier Label Rouge als ontbijt gegeten. Maar vandaag weten we ons met succes te beheersen.



We maken er weer een klussenmiddag van en gaan onder meer verder met het snoeien van het bosje pampasgras. We hebben een hele stapel tuinhandschoenen gevonden en maken de planten zonder een centje pijn gedecideerd een kopje kleiner. Morgen nog even hier en daar een kuifje bijknippen en ook dit varkentje is gewassen.



Vanavond tijdens de wandeling door Lorgues zijn we getuige van twee wonderen. In het dorp rijdt een auto ons voorbij die ongelooflijk veel herrie maakt. Hij piept, rammelt, kraakt, hoest; alsof hij elk moment uit elkaar kan vallen. Hij laat een honderden meters lang stankspoor na. Hoe het mogelijk is weten we niet, maar volkomen onverwachts haalt hij het eind van de straat en draait hij daar de grote weg op.

Even later staan we op diezelfde doorgaande weg voor een zebrapad. In Frankrijk bieden die strepen geen enkele garantie op een veilige oversteek. Integendeel, mensen die er op lopen, lijken wel vogelvrij, alsof automobilisten jacht op hen maken. Vijf auto's naderen de voetgangersoversteekplaats, maar remmen niet en rijden met een noodgang voorbij. We zijn blij dat onze tenen niet over de rand van het trottoir zitten. Maar dan gebeurt het: auto nummer zes stopt. En blijft nog staan ook. En een auto die achter hem rijdt, haalt hem niet in, maar trapt ook op de rem.

C'est un miracle! Grand merci!

O o, wat was die kip lekker!



Woensdag 2 maart

Lopen we vanmorgen op een heuvel aan de rand van een olijfboomgaard, gaat Bikkel ineens tegen een ruim een meter hoge en halve meter brede restanque staan piepen en huilen van vreugde. Aan de andere kant van de muur zien we wat struiken en een cipresse bewegen. O jeetje, een wild varken. Maar die kleine van ons is al over de stenen wand geklauterd en baant zich een weg door het dichte, verwilderde struikgewas.

Het gekke is dat wat kennelijk een everzwijn is, niet weg loopt. We concluderen meteen dat dat een zeug met jongen is, maar misschien gaat onze fantasie wel met ons op de loop. In ieder geval roep en fluit ik die kleine, die gezien de bewegingen van de struiken en het gekraak de bewegende cipresse inmiddels tot een meter of drie is genaderd. Dan horen we gesnuif vlakbij de smalle naaldboom. Kanjer, die elders met een stok loopt te spelen, wordt daardoor gealarmeerd en loopt met de neus in de lucht en de oren naar voren gericht naar de muur. Ik zeg hem dat hij bij mij moet blijven en blijf Bikkel roepen. Gelukkig is die kleine een held op sokken: hij gaat weliswaar achter wilde varkens aan, maar als die blijven staan, smeert hij hem weer. En varkens kunnen ook hard rennen, maar nooit over zo'n muur springen. Dat komt goed uit, want als het gekraak van takken zich beweegt van de cipresse in de richting van waar Bikkel moet staan, horen we dat de kleine zich een weg door het struikgewas baant, onze kant op. 'Bikkel, spring!', brul ik en twee tellen later zie ik zijn kop boven de muur uit. Hij heeft daar kennelijk geen ruimte om te springen, dus hijst zich aan zijn voorpoten omhoog. Bovenop de muur kijkt hij nog even achter en beneden zich. Dan springt hij aan onze kant naar beneden. Het gevaar is geweken.

Vanmiddag lopen we door een bos en wanen we ons ineens in Zwitserland: we horen koeienbellen. Eerst ver weg, al snel dichterbij. Voor alle zekerheid lijnen we de jongens aan. We hebben het nog niet gedaan of we zien een lekker mals stuk vlees uit het bos komen. Even later gevolgd door een hele kudde koeien, op een egaal bruine na vrijwel allemaal bruin met een witte streep over de kop, een kleine bruine zonnebril op en een koeienbel om de nek.





We wandelen elkaar tegemoet. Kanjer mag weer los omdat hij er nauwelijks aandacht voor heeft, maar Bikkel vindt het intrigerende beesten die op een meter of vijf van ons staan en in principe worden tegengehouden door een dun schrikdraadje. Hij wil wel wat dichter naar de dichtstbijzijnde koe, maar het is alsof zijn voorpoten aan de grond genageld staan. Hij strekt zijn hals naar voren en zijn neusvleugels klapperen in hoog tempo. De koe kijkt het kleine mormel aan en beweegt totaal niet. Dan doet ze ineens een klein pasje naar voren. Het is alsof die kleine met z'n neus tegen het schrikdraad komt. Hij spingt een halve meter omhoog en achteruit, doet dan voor alle zekerheid nog twee stappen achteruit en spant elke spier in zijn lichaam om er in volle sprint vandoor te gaan. Pas als wij doorlopen en Kanjer hem afleidt met een stok, komt hij weer tot rust.

Zo zorgen Kanjer en Bikkel dagelijks voor mooie momenten. Ze hebben er onderhand tabak van dat we aan het klussen zijn. Vanmiddag werken we weer een paar uurtjes en gaan ze min of meer uit protest naar binnen, op hun mat liggen. Gaan we even (buiten) zitten, dan komen ze onmiddellijk weer naar buiten en gaan ze spelen. Zodra we weer tuingereedschap, een emmer of wat dan ook pakken, verdwijnen ze weer naar binnen. ,,Houd toch op man, we zijn hier op vakantie, laten we wat leuks gaan doen!''
Toch moeten ze nog even geduld hebben. Het weerbeeld is vandaag hetzelfde als gisteren en dat blijft donderdag en vrijdag zo. Zaterdag is het lagedrukgebied voor de kust eindelijk weg en gaan we er weer op uit. Nice, Monaco en vele andere mooie locaties lonken!




Donderdag 3 maart

We zijn vandaag flink de pineut. Niet zozeer vanwege het weer waar maar geen verandering in komt, maar vooral omdat we weer in de tuin aan het werk zijn en de Marokkaanse tuinman van de buren er ook weer is. Met zijn broer. Kolere, wat kan die man praten. Hij lijkt wel een wandelende reclamezuil voor duracelbatterijen. Hij kletst en hij kletst en hij kletst en hij houdt geen twee tellen zijn mond dicht. In een ongelooflijk hoog tempo stromen de woorden uit zijn mond, vanaf het moment dat hij uit zijn auto stapt tot hij vertrekt.

Hij geeft zijn visie op de verkiezingsuitslag in Nederland, de politieke situatie in Frankrijk, de ommezwaai in Tunesië en Egypte, de toestand in Libië, de escapades van Sifilis Silvio Berlusconi, de stand van zaken in de voetbalcompetities in alle West- en Zuideuropese landen en declameert tussen de bedrijven door ook nog de gehele Koran. Hij zegt vandaag nog meer dan Rutte, Verhagen, Roemer, Wilders, Cohen, Sap, Pechtold, Rouvoet en al die andere mooipraters samen in hun hele politieke carrière hebben uitgekraamd. Ongelooflijk, wat een kletsmeier. Zijn broer horen we niet één keer. Die krijgt gewoon geen kans om ook maar een vluchtig 'oui' te zeggen. Als de buurvrouw hem iets vertelt, houdt hij ook zijn mond niet. Hij blijft gewoon doorpraten terwijl zij haar verhaal doet.

We verbazen ons ook over de jongens. Ze hebben een bal aan flarden getrokken en staan drie kwartier met beleid aan het ding te trekken. Ze willen geen van beiden loslaten. Op een gegeven moment staan ze allebei van pure vermoeidheid met de ogen dicht, maar loslaten ho maar.



De regionale media hebben vandaag weer een paar opmerkelijke nieuwtjes. Ze melden onder meer dat wintersporten in de Alpes Maritimes levensgevaarlijk is. Op 175 plekken is lawinegevaar. Lekker als je daar een weekje skiën in de voorjaarsvakantie hebt geboekt. De bekende wintersportplaats Isola 2000 was deze week na een lawine zelfs een dag afgesloten van de buitenwereld.
Er is wel goed nieuws voor mensen die hier in de zomer op vakantie komen. In de Alpes Maritimes kun je sinds deze week voor één euro per dag onbeperkt met de bus en tram onbeperkt reizen. Koop een Carte Azur en de Rivièra ligt aan je voeten. De kaart is geldig in 43 gemeenten aan de Cote d'Azur en in Monaco.
Natuurlijk stijgt de benzineprijs hier ook. Voor een liter super loodvrij (SP 98) betaal je hier nu zo'n 1,50 euro, voor diesel 1,34. En het eind is nog niet in zicht, klinkt het dreigend.
Een schrijnend verhaal lezen we in de Nice Matin. Een blonde labrador leeft daar op een balkon op één hoog en komt daar volgens de buren nooit af. Het beest moet er ook z'n behoeften doen. De politie zegt machteloos te zijn en mensen die er de eigenaar op aangesproken hebben, stuitten op een muur van onwil. We komen er vlakbij als we volgende week richting Nice en Monaco gaan. Het adres staat er bij....


Enfin, vandaag nog wat details van La Grande Forêt in beeld.

Zicht vanuit het poolhouse op het zwembad, waar nu nog een dekzeil overheen ligt. De afspraak met de gasten is dat ze het vuurtorentje midden op de bar zetten als ze weg zijn en de beheerder daar aan het werk kan.

Het poolhouse bevat onder meer een keukentje met een frituurpan, een wasmachine en een koelkast, ...

... een toilet, een douche en een wasgelegenheid.

Aan de achterkant van het poolhouse zit een stenen trap die naar o.a. de sauna leidt. Daar zijn o.a. vier ligplaatsen.

Op diverse plaatsen in het huis zitten ventilatoren. Deze, met drie spotjes, zit op het overdekte terras van het gastenverblijf. Rechts een manshoge plant die op het terras, tegen het huis, groeit. Af en toe water geven en hij doet het prima.

Het is heerlijk toeven op het overdekte terras van het gastenverblijf, met o.a. een terraskachel, een barbecue en stromend water./i>



Vrijdag 4 maart

Er zitten verschillende soorten watervogels, meervallen en vooral karpers, met een gemiddeld gewicht van 20 pond, maar er zijn ook karpers gevangen van 50 pond. Of is dat visserslatijn? Maar welke beesten zitten er nog meer in het 99 hectare grote stuweer Lac de Carcès? Wat is dat voor dier dat vijf Belgen en wij hebben gezien? Was het 't Monster van het Lac de Carcès, zoals we allemaal suggereerden?

De dag begint rimpelloos. Het zou gaan regenen, maar het is zo zonnig en warm, dat we buiten ontbijten en nog een tijd in de zon blijven zitten lezen. Om eventuele regen vóór te zijn, gaan we vroeg in de middag naar het mooie stuwmeer. Een van de oudste wijken van het dorp Carcès, dat op een heuvel ligt, ligt mooi in de zon.



Bij het meer is het rustig. We arriveren er tegelijk met vijf Belgen en lopen voor hen uit langs het meer. Her en der staan vissers met een handvol hengels per persoon en een tentje.



Het mooie wandelpad ligt een meter of twee boven het meer. Na een kwartiertje blijven Kanjer en Bikkel ineens staan. Ze kijken bijna loodrecht naar beneden en ruiken iets waarvan ze meer willen weten. Ineens worden ze enthousiast en onderzoeken ze waar ze naar beneden kunnen. Tijd om ze tot de orde te roepen. Even later zien we alle vier wat ze hoorden en roken: een dier dat van de kust af zwemt. We kunnen niet zien wat voor beest het is, zien tegen de zon in alleen z'n kop. Er zijn volgens ons drie mogelijkheden: een otter, een bever of een rat. Maar voor een rat lijkt hij ons te groot. Jammer dat we de staart niet kunnen zien. Het beest zwemt op enkele tientallen meters van ons evenwijdig aan de kust in de richting waar wij vandaan kwamen. Ik maak wat foto's en aangezien het dier geen aanstalten maakt naar de vaste wal te zwemmen, lopen we door.



Een heel eind verder kunnen we makkelijk bij het water komen, Mooi plekje om de jongens even te water te laten gaan. In de verte, op een paar honderd meter afstand, zien we weer iets zwemmen. Iets dat nòg groter is dan wat we even daarvoor hebben gezien. Het zwemt van de kust af. Af en toe is het net of we iets grijs zien. Twee vissers die dichterbij staan, zien het ook en kijken er ook gebiologeerd naar. Een lokale versie van het Monster van Loch Nes, dus het Monster van het Lac de Carcès?



Dan arriveren de Belgen.
,,Ziet ge weer wat zwemmen?''
,,Ja, daar in de verte, die is nog groter dan wat we net zagen.''
,,D'n andere kwam op de kant toen wij er langs liepen. We meenden eerst dat het ne otter of ne bever was, maar die hebben ne platte staart hè, en deze had ne ronde staart, dus het was ne rat.''
,,Maar een rat is toch niet zo groot?''
,,Awel meneer, ne muskusrat hè, die kunnen groot zijn. Jaaa.''
,,Maar wat zwemt daar dan?''
,,Mai ai, da's ne grote! Dat is gene bever, otter of rat, da's het Monster van Lac de Carcès!''

Het beest in de verte is inmiddels uitgezwommen en lijkt op dezelfde plek te blijven dobberen. Na een paar minuten lopen de Belgen verder. Wij blijven nog even omdat er een andere hond aan komt en die van ons nog lekker aan het spelen zijn. Daardoor zien we in de verte ineens een bootje op het water. Het vaart van de vissers naar het beest, dat zich inmiddels voor een deel onder het wateroppervlak bevindt. Het is een radiografisch bestuurbaar bootje. Het vaart iets voorbij het 'beest', draait en geeft het een duw. Dat herhaalt zich een paar keer. En dan zien we pas wat het 'beest' is.



We vermoeden dat hij als sleepboot is vertrokken en dat zijn grijze 'aanhanger' inmiddels is gezonken.

Thuis kijken we nog eens goed naar foto's van muskusratten en otters.
We houden het bij nader inzien toch maar op een otter.


Het blijft de rest van de dag droog. Morgen wordt het weer warm onder een wolkenloze hemel. Een mooie dag om weer naar zee te gaan.




Zaterdag 5 maart

Honden zijn soms net kleine kinderen. We hebben Kanjer verteld dat we vandaag naar zee gaan en vanmorgen kan hij bijna niet wachten. Hij is vroeg in de weer en vraagt voortdurend aandacht. ,,Gaan we nou?'' Maar hij moet nog even geduld hebben, want we krijgen vanmorgen een techneut op bezoek die even een klusje moet doen. Hij heeft een richttijd met twee uur speling opgegeven en is een man van de klok, want hij meldt zich keurig op het vroegste tijdstip.

Fransen staan er om bekend dat als je afspreekt voor vandaag twaalf uur, je blij mag zijn dat er deze week überhaupt iemand komt. Wij hebben nog niet zo veel ervaring met afspraken, maar kunnen niet anders zeggen dan dat iedereen altijd keurig op tijd was.
Deze techneut spreekt gelukkig een behoorlijk woordje Engels en heeft het consequent over 'Nederlanders' en 'Nederland'. Hij heeft wel meer Nederlandse klanten en ook een Nederlandse vriend, die hier woont maar in Nederland werkt. ..Pardon?'' Hij woont vlakbij Draguignan en vliegt elke zondagavond van Nice (een kleine drie kwartier rijden) naar Amsterdam, waar hij werkt en een studio heeft. Donderdagsavonds vliegt hij weer terug. Ach, waarom ook niet. We kennen mensen die in het oosten van Nederland wonen en in Den Haag werken en hoe veel mensen zijn niet dagelijks in een file uren onderweg naar hun werk en terug? Onlangs spraken we nog mensen die samen voor in totaal ruim 50 euro van Düsseldorf naar Nice of Marseille en weer terug vlogen, dus deze Franse Nederlander is goedkoper uit dan filerijders.
Onze bezoeker woont zelf ook bij Draguignan en heeft z'n kantoor op het industrieterrein, waar in juni vorig jaar door extreme regenval twee meter water stond. Z'n apparatuur en meubilair waren verwoest, maar dat was 'pas de problème' in vergelijking met de problemen die andere mensen hebben gehad. Er zijn immers 23 mensen verdronken. ,,Dat zijn de officiële cijfers, maar de mensen in Draguignan weten wel beter. Het zijn er meer dan 40. Het was verschrikkelijk, we hopen het nooit meer mee te maken.''

Als hij weg is, komt Kanjer meteen weer vragen: ,,Gaan we nou eindelijk weg?'' Jawel jochie, we gaan. Hij haalt meteen Bikkel erbij en samen lopen ze vast naar de auto.

Even buiten de bebouwde kom van Lorgues zien we dat sterrenkok Bruno - deze week is de nieuwe Michelin-restaurantgids voor Frankrijk uitgekomen en hij heeft ook dit jaar een ster - goede zaken doet. Het staat er vol luxe wagens en op het grasveld vóór zijn toko staan twee helikopters. We zouden best willen weten wie daarmee zijn gekomen. Brad en Angelina wellicht? In ieder geval niet Yvonne Niersman.

We besluiten weer naar het strand tussen Saint Aygulf en Fréjus te gaan omdat de jongens daar veel energie kwijt kunnen. Het is er in vier maanden tijd niet zo druk geweest als vanmiddag. Het is vakantie en het is warm - richting 20 graden - en dat zorgt voor veel wandelaars, zonaanbidders en zelfs de eerste bloterik op het naaktstrand. Nog even en het is hier zo druk, dat we alleen nog maar op een gedeelte van het strand mogen komen: een strook waar honden vrij mogen lopen maar niet mogen poepen en een strook waar alleen honden mogen komen die aangelijnd zijn. Het is wel een raar gezicht, dat we iemand in zijn nakie over het strand zien lopen en in de verte sneeuw op de bergtoppen zien liggen.





Kanjer is in ieder geval door het dolle heen en beide jongens zijn zo in de weer, dat als we aan het eind van de middag thuiskomen, ze meteen neerploffen en slapen.


Morgen, 6 maart, is overigens een bijzondere dag in Frankrijk. Het is Fête des Grand-Mères, oftewel Omadag. Niet te verwarren en vergelijken met vaderdag en moederdag, al was het alleen al omdat dit geen commercieel feest is. Kinderen van 10 jaar zijn door hun scholen gevraagd hun oma's te interviewen over hun leven toen zij 10 jaar waren. Dat levert een schat aan informatie op voor historici en een prijs voor de mooiste 150 interviews. Bovendien is er een groot omafeest in Parijs. Ach, en dat de bloemist hier het volk probeert te verleiden een bloemtje mee te nemen voor oma, zal niemand hem kwalijk nemen.

Wij gaan omadag aan zee vieren. Zonder oma's, want die hebben we niet meer.



Zondag 6 maart

In ruim vier maanden tijd hebben we hier al ongelooflijk veel oogverblindend moois gezien, maar wat we vandaag onder ogen krijgen, behoort absoluut tot de top 3. We rijden de Cornice l'Esterel, ook wel de Corniche d'Or, de Gouden Kustweg, genoemd. De weg loopt tussen het Esterelgebergte en de zee en dat is smullen geblazen.

De route begint bij Saint Raphaël en eindigt bij Théoule sur Mer, maar wij rijden nog een stukje verder, tot en met Cannes. Het is een glooiende, bochtige weg door ongerepte natuur, met links de bloedrode bergen van Esterel die begroeid zijn met kurkbossen en rechts de blauwe zee, met grillige inhammen, rode kliffen en verlaten baaitjes en hier en daar knalgele mimosa. Af en toe leidt de weg door kleine enclaves met prachtige huizen, cactussen, palmbomen, bloeiende mimosa en paars en geel bloeiende planten. 's Zomers rijd je er waarschijnlijk stapvoets in file, maar in deze tijd van het jaar kun je overal gewoon doorrijden. Alleen in Cannes is dat anders, maar daar kom ik morgen wel op terug. We hebben zo veel moois gezien, dat ik de foto's over twee dagen spreid.


Net buiten de bebouwde kom van Saint Raphaël lopen wat smalle paadjes recht naar zee. We kiezen er een uit omdat de jongens onrustig zijn. Beneden komen we bij een prachtig wandelpad langs enkele kleine strandjes en schitterende villa's.





Er woont ook iemand die via moderne communicatiemiddelen contact zoekt met Maria.



Als de jongens wat energie kwijt zijn, rijden we verder. Aan de bloemen kun je zien dat de natuur hier een paar maanden verder is dan in Nederland.



Dan komt het Esterelgebergte in volle glorie in zicht. De weg kronkelt steeds meer. Het barst er van de motorrijders, van wie een aantal onverantwoordelijk hard door de binnenbocht knalt en op een haar na mijn buitenspiegel mist. (Even voor de niet-motorrijders: is het je wel eens ópgevallen dat als je voor een achter je rijdende motorrijder iets naar rechts gaat zodat hij er voorbij kan, hij zijn rechter been even uitsteekt? Dat doet hij om je te bedanken. Hij kan zijn rechter hand niet opsteken omdat hij daar gas mee geeft.) Eén motorrijder heeft het kennelijk zo naar zijn zin, dat hij op een van de weinige rechte stukken een meter of 100 op zijn achterwiel scheurt.
Na verloop van tijd komen we op een plateau dat een eindje in zee steekt. Daar vandaan heb je een schitterend zicht op de Corniche, op wat vermoedelijk de mooist gelegen villa van de Cote d'Azur is, op de kuststrook rond Cannes, op de besneeuwde bergen daar achter.
Meekijken? Cliquez ici!

En nog even weten hoe het met het weer was? Zonnig en ruim boven de 20 graden. In de schaduw.